We are here to express our gifts; it is among our deepest desires, and we cannot be fully alive otherwise.
Charles Eisenstein - Sacred Economics
The place to improve the world is first in one's own heart and head and hands, and then work outwards from there. Other people can talk about how to expand the destiny of mankind. I just want to talk about how to fix a motorcycle. I think that what I have to say has more lasting value.
Robert M. Pirsig - Zen and the Art of Motorcycle Maintenance
 

Mijn bevrijdende ervaring op het gebied van geld kwam vlak na één van de meest beknellende periodes sinds ik weer voor mezelf was begonnen. In het Franse groen, samen met mijn vriendin Ilse, aan het einde van een week helemaal niets en aan het einde van Charles’ boek Sacred Economics. Wat hij beschrijft over “Working in the Gift” raakte een diepe snaar.

Ineens zag ik mijn verlangens, bewegingen, werk en missie volledig losweken van geld. Ik voelde intense blijheid bij het idee dat ik alleen kan leven door te geven vanuit wat ik heb te geven, op mijn eigen beste manier. Ik voelde meer dan ooit het vertrouwen dat als ik geef vanuit mijn gaven, het leven mij geeft wat ik nodig heb. Of dat nou direct of indirect, nu of later, via een zichtbare of onzichtbare weg gebeurt.

Zolang ik “wat ik het liefste doe” blijf koppelen aan “daar verdien ik genoeg geld mee”, zal geld altijd min of meer bepalen “wat ik het liefste doe”. Zo had ik eerder een weekend georganiseerd en dat veel groter gemaakt dan ik eigenlijk wilde in de hoop te kunnen cashen. Een nieuwe workshop werd niet gepland omdat ik met eerdere workshops nauwelijks wat had verdiend. Ik had mijn tweewekelijkse Qigong lessen opgeschroefd naar vier omdat ik daarmee m’n basisinkomen veilig dacht te kunnen stellen, niet omdat ik meer les wilde geven.

 

Ik schrijf het nu heel zwart-wit, want ik had al die tijd ook onwijs leuke dingen gedaan en beleefd. Maar ik zag ook hoe ik een groot deel van mijn ideeën en bewegingen steeds had laten remmen door een business model mindset. Nu was dat weg. Niet langer zou een gebrek aan inkomsten mij de mogelijkheid tot leven ontnemen. Er was alleen nog maar de keuze om te leven.

Zo klaar als een klontje?
Het eerste besluit: geen vaste prijzen meer. Jij geeft me achteraf wat je me wilt geven, vanuit je hart. Want hoe kan ik bepalen wat mijn aanwezigheid voor jou betekent, laat staan wat die jou waard is? En hoe kan ik daar een vast bedrag aan plakken? Elk bedrag is zowel te weinig als te veel. Wat vanuit liefde komt kent geen prijskaart, is "onbetaalbaar".

Werken zonder prijs haalt barrières weg. Ik weet niet meer van tevoren wat er terug gaat komen. Mijn werk komt los van een ingecalculeerde ‘return on investment’ en wordt zuiverder. Of ik iets ga doen hangt alleen nog maar af van of ik het vanuit m’n hart wil. Voor mensen met en voor wie ik werk geldt hetzelfde. Vragen als “Ja maar heb ik daar wel wat aan?” en “Kan ik het mezelf wel veroorloven?” verliezen hun grip. Wat telt is of ze een ja of een nee voelen bij de uitnodiging.

Van beide kanten vraagt dit vertrouwen en - jawel - een bepaald niveau van bewustzijn. Werken zonder prijs geeft vrijheid maar brengt ook donkere kanten en blinde vlekken aan het licht. Dat kan ik nu makkelijker zeggen dan eerst: ten tijde van mijn besluit voelde ik vooral euforie en zag ik ongekende mogelijkheden: “Als ik geef vanuit mijn hart komt dat hart vanzelf terug, vaak op mooiere manieren dan ik van tevoren kan bedenken.”

 

Al in mijn leven
Het grappige wil dat Ilse en ik die week in Frankrijk zaten dankzij de auto van Willemijn, die ik een paar maanden eerder had gecoacht terwijl ze me daar niet voor kon betalen. Ik had zoiets gezegd als: “Volgens mij kan je het goed gebruiken en ik wil het je graag geven. We zien wel, voel je vrij.” Nu had ze ons vlak voor onze vakantie gebeld: “Ik zie op Facebook dat je een auto nodig hebt. Ik kan prima een weekje zonder en leen 'em jullie graag.”

Een auto huren kost meer dan wat ik toen vroeg voor een coaching-sessie. En tegen een vaste coach-prijs had Willemijn geen ja kunnen zeggen. Maar die besparing voelt als bijzaak: we hebben uitgewisseld vanuit liefde en dankbaarheid, zonder dat er druk op zat. Zo'n verbinding maak je niet bij het vereffenen van een rekening.

Het huis waar we in zaten is trouwens van mensen die ik nog maar één keer eerder had ontmoet. Zij boden het ons aan omdat ze er zelf niet waren. “Wij vinden het alleen maar leuk dat jullie er gebruik van kunnen maken.” En van de eigenaresse van ons reeds aanbetaalde huurhuis kregen we bij terugkomst Nederland ons annuleringsbedrag terug: ze had het toch nog aan iemand anders kunnen verhuren. Ondertussen leerden wij mensen leren die maar wat graag hun plek met ons delen en die altijd bij ons kunnen aankloppen als we iets voor hun kunnen doen.

Magie “werkt” natuurlijk niet met voorbedachte rade. Ik heb eerder geëxperimenteerd met waardebepaling achteraf, eerst als freelancer en later met m’n eerder genoemde bedrijf. Bijna altijd leidde dat van twee kanten tot teleurstelling. In vrije waardebepaling, zo realiseerde ik me later, had ik stiekem en (on)bewust zag ik een slim verdienmodel gezien. Mensen zouden vast meer voor mijn werk betalen dan wat ik er voor zou vragen. Dus in plaats van meer geld was er vooral meer gedoe en frustratie.

Nu voelde mijn intentie zuiver. Over zo’n bananenschil zou ik dus niet meer uitglijden. Maar zo makkelijk was het niet. En nog steeds niet. Ik stond weer aan het begin van iets nieuws, op meer vlakken dan waar ik op had gerekend. Acht maanden oefenen verder is er geen sluitende theorie of model. Zoals ik aan het begin schreef: het onderzoek is niet klaar. Wel brengt het me steeds dichter bij een gevoel van écht leven.

Voor écht leven heb ik geen recept, al is het alleen maar omdat ik zelf hartstikke student ben. Ik ben ook niet meer zo van de waarheden: ervaring blijkt elke keer de beste leraar te zijn. Ik spreek dus het liefste vanuit eigen ervaringen.

 

(On)meetbaar
Zoals Alan Watts zegt: “Money is a measure of wealth. It is not wealth.” Sinds ik zonder vaste prijzen werk ben ik aan het leren hoe bedrag en waarde los van elkaar staan. Voor mijn coaching-sessies kan ik de ene keer €250 krijgen en de volgende keer €30. Twee mensen die allebei superblij zijn en verschillen in de manier waarop ze invulling (kunnen) geven aan hun dankbaarheid. In het begin was dat wel eens slikken. Als ik “weinig” kreeg kwam de drang wel eens op om uit te leggen wat ik aan kosten maak, wat ik allemaal heb “moeten” doen om sessies te kunnen geven, etc.

Nu ik daarover schrijf komt dit op: écht geven kan alleen in vertrouwen. Als ik per keer meteen en direct een vereffening wil van wat ik “geef”, het probeer af te dwingen of zelfs een schuldgevoel probeer te kweken, geef ik me niet over aan de magische stroom van wederkerigheid. Willemijn liet het me zo mooi zien: als ik geef vanuit liefde zal liefde ook naar mij terugkomen. Ik kan alleen niet van tevoren weten hoe, wanneer en vanuit welke hoek.

Dit leert mij ook om voldoening los te koppelen van wat er terugkomt. Als werk mij pas tevreden stelt nadat ik er voor beloond wordt, doe ik dan wel waar ik blij van word? Of degradeer ik werk tot een vervelende bezigheid waarvoor men mij moet compenseren? En waar zoek ik de waardering? In mezelf en in het doen of in anderen en wat zij daar van vinden? 

Een tijdje terug gaf een Qigong-leerling mij een envelop met geld voor haar lessen. Mijn klotedag klaarde helemaal op. En ik moest meteen om mezelf lachen. Heerlijk om te krijgen natuurlijk, maar vooral bizar hoe mijn “geluk” even volledig aan die envelop leek te hangen.

Dat geschreven: wat iemand me geeft is wel een reflectie van zijn of haar waardering. Een laag bedrag of helemaal geen bedrag kan komen door teleurstelling en vergezeld gaan van feedback. Dat is mij veel meer waard dan iemand die een vast bedrag betaalt, maakt dat ‘ie wegkomt en nooit meer van zich laat horen.

 

En wat als je vertrouwen wordt geschonden? 
Deze vraag is mij een paar keer gesteld, ook door mezelf. Wat bij me opkomt is dat écht vertrouwen volgens mij niet geschonden kan worden. Als mijn intentie zuiver is en iemand besluit daar misbruik van te maken, denk ik dat die persoon daar meer last van heeft dan ik. 

Wat ik in zo'n situatie kan doen is vragen “Geef je me vanuit je hart? Is dit wat voor jou goed voelt?” en de "Ja" ook als een ja te ontvangen. Als het voor mij het echt niet goed voelt kan ik aangeven wat het met mij doet. Of luisteren naar wat ik misschien anders of beter kan doen, in wat ik geef en via welk model. Als daar niets uitkomt heb ik nog altijd mijn eigen vertrouwen: ik heb op de voor mij best mogelijke manier gedaan wat ik kon, het doet z’n werk en ik krijg wat ik nodig heb.

Ik heb me ook laten vertellen dat ik in het geven teveel van mensen vraag. Ik haal de focus weg van waar mijn werk om gaat en creëer zelfs verwarring. Ik heb dat bij me gedragen en heb het inderdaad zien gebeuren. En meer.

 

Transparantie, communicatie en het ritueel
Toen ik de vaste prijs voor mijn Qigong lessen helemaal los liet bleek dat een stap te ver. Mensen zeiden vlak van tevoren af of lieten niets horen terwijl mijn studiohuur gewoon doorliep. Sinds ik transparant ben over mijn kosten is er meer begrip, zijn mensen trouwer aan hun intentie en is er een hele bijzondere dialoog ontstaan. Zo kreeg ik tijdens gesprekken terug dat mijn werkwijze mensen confronteert met hoe ze met geld omgaan, dat ze dankbaar zijn voor wat ze bij zichzelf ontdekken. Ook kreeg ik terug: “Mundo, je legt de bal wel heel erg bij ons neer. Wij hebben geen idee van wat je nodig hebt en we willen je graag geven wat jou blij maakt. Kan je ons geen richtlijn geven?” Wat een kado, om op zo'n manier, samen, te onderzoeken waar we ons goed bij voelen! Hoe anders is dit dan een vaste prijs waar die niet besproken wordt en wel in de weg kan staan?

Terwijl ik dit schrijf is mijn model voor Qigong lessen als volgt: ik vraag een minimumbedrag voor de studiohuur en mijn reiskosten, plus wat voor jou goed voelt. Als je behoefte hebt aan een richtlijn: ik gun mezelf tussen €12 en €15 per les. Maar het belangrijkste is en blijft dat je me vanuit je hart geeft. Wat vanuit liefde komt wordt ook in liefde ontvangen.

Ik heb soms grenzen nodig om te kunnen geven in vertrouwen. Transparantie maakt dingen duidelijk en vergroot betrokkenheid; de richtlijn helpt mensen voor wie waardering bestaat uit mij geven wat ik nodig heb. (Wat ik nodig heb en wat ik mezelf gun zijn voor mij allebei hetzelfde.)

Van tevoren een minimumbedrag overmaken om je plek te reserveren heeft ook de functie van een ritueel. Als je alleen maar ja hoeft te zeggen hoef je later ook alleen maar nee te zeggen. En het hoofd vindt vaak genoeg dat je vanavond toch echt te moe bent en het te druk hebt om naar de les te gaan. Maar als er meer van je wordt gevraagd denk je wel twee keer na voordat je ja zegt. Plus, met je bedrag eenmaal “geïnvesteerd” ben je sneller geneigd om te komen. In de praktijk zie ik het bijna één op één terug: mensen die van tevoren hebben betaald komen naar de lessen, genieten er van en halen er heel veel uit; mensen die per keer willen betalen zeggen heel vaak vlak van tevoren af.

Mijn gedrag loopt nog niet altijd in lijn met wat ik voel. Één leerling liet me dat heel mooi zien toen hij vooruit had betaald voor een blok, minus de twee lessen dat hij in het buitenland zou zitten, en ik hem vroeg of hij zich realiseerde dat mijn kosten ook voor die twee lessen gewoon doorliepen:

Ik snap je zoektocht naar een goed model! Persoonlijk vind ik het vage ‘wat goed voelt’ lastig en zoals blijkt is dit toch niet zo vrijblijvend als het lijkt. Ik had natuurlijk je vorige mail gelezen. En ik wist dat sommige mensen per keer betalen, dus ik redeneerde dat als ik het lang van tevoren aankondig, jij nog steeds meer zekerheid had van mijn model.
Als je door jouw (overigens prijzenswaardige en dappere!) model van vergoeding niet uit je kosten komt, schort er iets aan het model denk ik. Zeker als je met allerlei mensen apart toch nog moet onderhandelen over de regeling die je met ze hebt. 
Wat mij betreft had je beter tegen iedereen kunnen zeggen: je betaalt voor een heel lesblok met alle lessen alsof het contributie is, dus ook voor de lessen die je niet kan komen, ook al weet je dat van tevoren. Eigenlijk zeg je dat nu ook tussen de regels door tegen mij, dus dat is prima :-).

Later in de uitwisseling:

Het probleem met dit model is dat (sommige) mensen het als extra druk ervaren “ojee, wat moet ik nu geven, weet ik veel hoeveel ik iets waard vind!” en dus eigenlijk altijd het gevoel hebben dat ze te weinig geven. In een wereld waarin je al zoveel keuzes moet maken dagelijks, kunnen sommige mensen dit er niet bij hebben (zoals ik :-) Waarachtigheid en waardering zit niet alleen (of misschien wel helemaal niet) in de transactie van geld, goederen en diensten denk ik. Ik laat graag mijn waardering blijken door zoveel mogelijk op te komen dagen, het serieus te nemen en mijn best te doen en je oprecht te bedanken (en andere mensen over te halen ook een keer een les mee te doen of je een matras te geven, haha). Maar laat me verder lekker een duidelijk bedrag betalen, zodat ik daar niet ook nog eens over na hoef te denken.
 

Ik leer dat geven niet is gebonden aan een vast model. Ik kan op meerdere manieren in vertrouwen geven, soms juist door grenzen te stellen, altijd door naar m’n gevoel te luisteren. En wat ik er zo leuk aan vindt: ik mag het allemaal samen met mensen ontdekken.

Een prachtig artikel over dit onderwerp is "Shadow, Ritual, Relationship and the Gift" van Charles Eisenstein.

(Want ik hoef het niet alleen te doen)
Eind februari 2015, de week voordat Ilse en ik uit Amsterdam vertrokken om te gaan samenwonen in het bos, lagen we ’s nachts bij mij thuis in bed en kon ik niet slapen. Er was onrust en ik wist niet waardoor. Ik kroop uit bed en ging met m’n dagboek aan tafel zitten, alleen. Tien minuten later lag ik weer in bed. Met dezelfde onrust. Ik weet niet meer of ik het vroeg of dat Ilse het voorstelde, maar ze kwam tegen me aanliggen en gaf me ruimte om te delen wat er in me omging.

Ik heb die nacht gehuild als een kind. Weken eerder had Ilse tegen me gezegd: “Mundo, nu we samen zijn en samen gaan wonen mag je ook ontspannen in de mooie dingen die je doet. Ik heb een vast inkomen en ik steun je graag als nodig.” Ik antwoordde met “bedankt” en “superlief” en zo, maar ik liet het totaal niet binnen. Deze nacht pas voelde ik pas wat ze me gaf, alleen al door het te zeggen.

Ik hoef het niet alleen te doen. De zin raakt me terwijl ik ‘em schrijf. M'n eigen boontjes doppen, voor mezelf zorgen, “onafhankelijk” zijn... allemaal ingesleten idealen van een afgescheiden 'ik' die veiligheid haalt uit de illusie van een autonoom bestaan. Dit échte leven stimuleert me om die illusie los te laten. Ik kan het niet alleen, ik hoef het niet allemaal zelf te verzinnen, ik mag eerlijk zijn in waar ik sta, mezelf kwetsbaar opstellen, mijn menselijkheid blootgeven.

Ik heb ontdekt hoeveel kracht daar van uit gaat. En hoeveel veel leuker het alles maakt, in privé en werk (is er nog onderscheid?).

Ik heb geen zin meer om mezelf strategisch neer te zetten, te onderhandelen, mezelf te verkopen, een beeld te creëren, iets te komen halen. Geef mij maar een menselijke verhouding waarin we elkaar eerlijk ontmoeten vanuit wie we zijn, in wat voor setting dan ook.

De drang om de boekjes dicht en iets ander hoog te houden. Volgens vertelt die ons dat we gevoelsmatig al weten dat er iets niet klopt. Ik ken die drang, ik moest van ver komen en nu mag ik completer door het leven gaan.

Maar voelen dat we samen zijn is niet hetzelfde als het integreren. Ilse en ik zien een hoop onbewuste overtuigingen naar boven komen. Ik vind het nog steeds niet makkelijk haar om financiële hulp te vragen. Zij ziet soms gemakzucht in mijn “vrije” bestaan nu dat we samen zijn. Beiden leren we onze waarde en bijdrage los te koppelen van hoeveel geld we verdienen en om ontvangen niet steeds te pareren.

Pareren is niet ontvangen
Na een weekend-workshop Qigong stuurde Jonna me een foto van haar outdoor-jas. Op mijn wish list had ze gezien dat ik er één zocht voor de natuurreizen die ik vanaf dit jaar aanbied.

 
 
 

Ik was dolblij: kopen zat er voor mij even niet in en nu kreeg ik een prachtige jas in m’n schoot geworpen!

Jonna woont niet bij mij om de hoek dus we spraken een keer in Arnhem af, toen op de route van een reis naar het buitenland. In een restaurantje was ik de praktische reden van onze bijeenkomst al weer vergeten. Totdat zij de jas tevoorschijn toverde. Hij zat als gegoten. Voordat ik er erg in had floepte ik eruit: “Mag ik dan voor ons etentje betalen?” Ze keek me even verbaasd aan en zei: “Als jij dat wilt is dat goed.”

Ik wist meteen dat ik niet in de haak was. Maar ja, nu had ik het gezegd. Samen lopend naar het station hield ik het niet meer. “Jonna, ik wil iets bekennen. Ik heb voor ons betaald omdat ik de jas niet zomaar aan kon nemen. Ik wil je graag iets geven omdat ik je echt iets wil geven, niet omdat ik het gevoel heb dat ik een rekening te vereffenen heb.” Jonna lachte en ik luchtte op. Zij betaalde voor haar eten en ik weet dat het goed zit.

In dankbaarheid ontvangen zonder meteen iets terug te doen is bijna een kunst. We willen niet bij anderen in het krijt staan. Alles moet in balans zijn. We moeten meteen iets terug geven want o wee als iemand ons later om een gunst vraagt! 

Terwijl een gift ontvangen net zo’n kado is voor de persoon die geeft. Ik vind het heerlijk wanneer ik iets mag geven dat gewenst of nodig is. Hoe fijn is die glimlach, de glinsterende ogen en de omhelzing, of gewoon de blijdschap van het geven? Maar daar ga ik weer… Wat voor geven geldt, geldt misschien nog wel meer voor ontvangen: het is oefenen. Wat overigens niet betekent dat ik alles wil gaan aannemen dat me aangeboden wordt.

Non-accumulatie
Dit onderwerp liet zich maar geen plek geven in het stuk. Even wilde ik het in het vorige hoofdstuk zetten maar daar wilde het niet geschreven worden. En nu heb ik gisteravond iets meegemaakt…

Op mijn wish list stonden meer survival spullen, onder andere een backpack van Osprey. Jarenlang mijn favoriete merk, nooit heb ik er één gehad. Toen ik de tas op de lijst plaatste was er al twijfel: “Wil ik die écht? Kan ik niet gewoon een backpack lenen en loslaten dat ik deze moet hebben? Nou ja, ik zie het wel…” Vorige week bracht Herman zijn oude backpack naar m’n les, met een fles wijn er in en heel veel plezier gewenst. Vorig jaar was 'ie een maand bij me, en nu mag ik 'em wéér lenen! Ik was Osprey alweer vergeten.

 
 

Tot gisterenavond dus. Ilse vroeg of ik met haar naar het postkamertje bij ons op het park wilde lopen. Ik volgde gedwee en stapte nietsvermoedend binnen. In het midden van de ruimte zag ik een doos. Met Osprey-sticker. Een spiksplinternieuwe backpack, van het merk en in de uitvoering waar ik eerder zo opgewonden van raakte. Aan mij gegeven door twee jongens die meegaan op natuurreis naar Ierland, die van tevoren op m’n wish list hebben gespiekt en de bezorger een briefje hadden laten schrijven:

 
 

Ik vond het zo lief, zo warm. En ik kon ‘em zo niet aannemen. Ik heb een perfecte tas van Herman die hij niet gebruikt. Er staan duizenden backpacks het hele jaar niks te doen op zolder. Wat moet ik met deze nieuwe? Ilse voelde het al aan toen Rob haar belde voor de kleur, maar ik had ‘em op m’n site staan dus ja…

 
 

(Gelukkig doet Osprey niet moeilijk over retourneren.)

De les: be careful what you wish for. En het inzicht: ik word gevoeliger voor wat ik wezenlijk nodig heb en wat me wezenlijk vervult. Dankjewel Rob en Teun!

Ilse had het willen filmen: mijn gezicht bij het aanzien van de backpack, mijn onvermogen om me met de tas te verbinden. Het kado aannemen, hoeveel liefde Rob en Teun er ook in hadden gestopt, voelde gewoon niet goed, klopte niet met hoe ik nu in het leven sta. En dat verbaast me niks. Een systeem dat moet groeien om te overleven bestaat bij de gratie van ongebreidelde consumptie. Door dat symptoom heen prikken legt een nieuwe wereld bloot. Een wereld waarin spullen tot leven komen. 

 

Houden van materie
pullen hebben een altijd een verhaal. Er gebeurt een heleboel voordat iets onze handen bereikt. Hoe meer we dat beseffen, hoe makkelijker het wordt om selectief te zijn. En moeilijker. 

Onze aankopen zeggen altijd ergens ja tegen. Ze steunen alles en iedereen die betrokken is bij het proces naar de koop toe. Elke keer dat wij onze portemonnee trekken brengen we een stem uit. Met dat bewustzijn ontstaat een keuze: laat ik me leiden door schuld of door liefde? Als ik honderd procent “goed” wil leven kan ik misschien het beste op een steen gaan zitten, hopen dat die steen niet lijdt onder mijn gewicht en wachten tot ik het loodje leg. Alles heeft impact en daar kan ik mezelf gek mee maken. Met principes net zo: elk principe zal ik op een gegeven moment óf moeten loslaten óf moeten aanpassen zodat ik volgens “mijn” principes kan blijven leven. Ik heb het gedaan. Ik ben de futiliteit gaan inzien. En soms doe ik het weer.

Wat ik ook kan doen is voelen vanuit welke plek ik wil handelen en daar naar luisteren.

Zo heb ik Dick gevraagd of hij mijn fiets wilde repareren in ruil voor een aantal Qigong lessen. Niet omdat ik andere fietsenmakers geen werk gun of te gierig ben om zelf gereedschap te kopen, maar omdat ik bij die laatste opties geen blij gevoel kreeg. Het idee dat een bevriende fietsenmaker in de leer zijn passie op mijn fiets kon botvieren, ik hem iets kon geven waar hij blij van wordt en de reparatie meer dan een transactie zou worden, gaf me dat wel.

Man, wat heeft hij dat mooi en leuk gedaan… En wat ben ik nog meer van m’n fiets gaan houden.

 
 
 
 

Misschien is de vraag niet “hoe kunnen we betere consumenten zijn?” maar “hoe kunnen we meer van onze spullen houden?” Ilse en ik hadden 100 IKEA-bedden op Marktplaats kunnen kopen (en met winst kunnen verkopen) in de tijd die we gaven aan de bouw van ons eigen bed. Maar in onze slaapkamer staat het mooiste bed dat ik ooit heb gezien. Van hout dat we kregen van de eigenaar van ons huis, uit bomen die met een mobiele zaag en met zorg van het land komen waar we op wonen, door onze eigen blote handen in elkaar gezet.

 
 
 

Misschien ben ik materialistischer dan ooit. Ik hou van spullen en diensten waar persoonlijkheid in zit. Dingen die door liefdevolle handen zijn gecreëerd en die me een blij gevoel geven wanneer ik ze ontvang, vasthoud of "consumeer". Dingen die leven. 

Ik vind dat gevoel nog lang niet in alles en moet weer denken aan "goed" leven op de steen. Soms kan ik gewoon geen kwaliteit vinden en heb ik geen zin om me in bochten te wringen. Soms neemt de kleine consumptiedrang het van me over en, nou ja, kan ik dat weer ervaren. Steeds vaker kom ik er achter hoe weinig ik eigenlijk nodig heb. En op een andere manier laat ik geld juist makkelijker rollen.

 

Van geld naar liefde
Ik heb het veel gehad over de eigenschappen die we rondom geld hebben gebouwd, of in de woorden van Charles Eisenstein: wat er mis is gegaan met dit prachtige idee genaamd geld, dat menselijke talenten kan verbinden met menselijke behoeften. Maar net zoals Eisenstein onze penarie beziet als een fase, een stap binnen een proces van volwassenwording, wordt mij duidelijk hoe geld ons juist nu op prachtige mogelijkheden kan wijzen. 

 

Louis Bohtlingk, een nieuwe vriend die zelf nogal met dit thema bezig is, gaf er hele mooie woorden aan: “Geld is de God van de afgescheidenheid, hier om verdeeldheid te zaaien en ons ultiem uit te dagen de verbinding met onszelf en met elkaar te herstellen.” 

* Ik kan me zijn woorden niet meer precies herinneren, alleen hoe ze zijn blijven hangen. Op Carefirstworld.org lees je meer over Louis en zijn visie op hoe we onze geld-eerst houding kunnen veranderen naar een zorg-eerst houding.

Geld en alles wat er omheen hangt kan slecht zijn. Geld kan ons weghouden van onze dromen en verlangens. Geld kan ons blind maken voor wat goed en juist voelt. Geld kan ons verwijderen van onszelf en van elkaar. En voor alles is het tegenovergestelde ook waar.

Ik vraag mensen om mij te geven vanuit hun hart, om te vertrouwen dat wat zij vanuit liefde geven door mij in liefde zal worden ontvangen. Maar ja, hoe koppel je een geldbedrag aan een gevoel? 

Tegen het einde van een Qigong weekend-workshop kwam Jonna naar me toe. Of ik een momentje had. “Ik worstel ergens mee. Ik heb deze dagen zoveel gekregen en ik ben daar zo dankbaar voor. Geen enkel bedrag dat ik verzin kan daar recht aan doen. Kan je me helpen met een richtlijn?” Soms vertel ik van tevoren dat als ze er niet uitkomen, ik ze een richtlijn kan geven. Deze vraag kwam dus niet geheel onverwachts. Ik gaf alleen niet meteen antwoord want ik moest eerst even bijkomen van haar woorden. Daarna zei ik iets in de trend van: “Dat je me dit vertelt ervaar ik als een enorm kado. Weet dat je me er onwijs veel mee geeft. Wat het geld betreft wil ik je uitnodigen om te kijken bij welk bedrag jij je het fijnst voelt, er op te vertrouwen dat ik weet vanuit welke plek het komt en het in liefde ontvang, ongeacht de hoogte. Als je er nog steeds niet uitkomt geef ik je met plezier een richtlijn.” Jonna heeft het op haar eigen manier gedaan, met een eerste en een tweede bedrag. En mijn nieuwe favoriete outdoor-jas.

Kan je je voorstellen hoe ik me voel als ik zoiets op mijn rekening zie verschijnen? Dat het mogelijk is om liefde te voelen bij een bedrag?

Als ik het wil omdraaien denk ik als eerste aan mijn kapper Ricardo, die in het vorige hoofdstuk al langskwam. Toen onze uitwisseling voor mij rond was ging ik weer betalen voor zijn dienst. Vijftig minuten met rust en aandacht knippen tot het perfect is: "Vijftien Euro". Ik kon het niet meer over m’n hart verkrijgen. De eerste keer gaf ik hem vijfentwintig, de laatste keer dertig Euro. Bedragen die op dat moment goed voelden, voorbij de gedachte “ja maar nou ga je het weinige dat je hebt weggeven terwijl het niet hoeft!” Want de pijn was bij voorbaat voelbaar: “Als ik nu vanuit die gedachte handel ga ik ongelukkig naar huis.”

Hoe kan ik mensen vragen mij vanuit liefde te geven als ik dat zelf niet doe? Vrije stroom is een straat met tweerichtingsverkeer. Meer voor jou is meer voor mij. Wat ik anderen aan doe, doe ik ook mezelf aan. Of, in de woorden die Judith (mede-initiatiefnemer van het Geefcafé in een Berlijns café op een muur zag geschreven: "The only magic I've ever known is turning money into love."

 

Can Love be the Root of all Money? Het liefdesbiljet van kunstenaar Dadara - blog.artasmoney.com

Overigens is de wens die een aantal deelnemers van mijn Qigong lessen uitspraken (“Wij willen je graag geven wat je nodig hebt.”) wat mij betreft bewijs dat liefde en praktische overwegingen elkaar niet hoeven uit te sluiten.

Geld een uiting van liefde laten zijn gaat met vallen en opstaan. Nu durven geven terwijl ik nu ‘weinig’ heb, nu vanuit overvloed handelen en niet eerst ‘zorgen dat ik het wel kan’, mezelf een kado doen en me daar goed over voelen, nu ruimte hebben in plaats van wachten totdat iets of iemand mij ruimte geeft… Ik zie mezelf bijna dagelijks tegen patronen en overtuigingen aanlopen. En dan heb ik het alleen over de gevallen waar ik me bewust van ben. Maar ik mag dus ook bijna dagelijks oefenen. In het groot en in het klein.

Klein is groots
Een paar weken terug zag ik op Utrecht Centraal een man met een blinde geleidestok. Hij worstelde duidelijk met het vinden van zijn weg. Iedereen liep langs hem heen, sommigen namen een extra omweg. Zo ook yours truly. Tot ik een steek voelde: loop ik nou door omdat ik op weg ben naar mijn werkdag en veel te doen heb? Ik draaide terug en vroeg of hij hulp nodig had. Tien minuten later nam ik afscheid bij zijn bushalte en liep ik met een glimlach de stad in.

Met zo’n begin kon mijn dag niet meer stuk. Niet vanwege de ‘goede daad’, hoewel dat ook leuk is natuurlijk, maar omdat de daad voorbij ging aan wat een vriend van mij, Ewoud Venema, later zo mooi verwoordde: onze afspraken met geld en tijd, met belangrijk en onbelangrijk, met klein en groot. Afspraken die ons in de kleinste dingen sturen, vaak zonder dat we het weten.

Dit stukje dat Tom mij doorstuurde, uit Bespiegelingen in het licht van Shakti Gawain, beschrijft heel mooi hoe ik me deze dag voelde:

Het is leuk om te geven. Hoe meer we aan onszelf hebben gegeven, des te meer hebben we om aan anderen te geven. Als we die gevende plek in onszelf vinden scheppen we een uitgaande stroom. Geven aan anderen komt niet voort uit een gevoel van opoffering, eigendunk of spiritualiteit maar we doen het alleen vanwege het pure genot. Geven kan alleen uit een volledige, liefhebbende ruimte.

Wij hebben geen idee van de mogelijke impact van onze acties. In de wereld van klein en groot is het helpen van een blinde man peanuts. "Wat betekenen tien minuten meelopen met een blinde man nou voor het grotere plaatje?"

Maar zelfs vanuit die mindset kan ik iets groots laten zien, alleen met het directe "resultaat": ik droeg de hele dag vreugde bij me. Dat is wat ik weet. Wat ik niet weet is wat die vreugde heeft gedaan met de mensen met wie ik die dag contact had en met wie zij weer contact hadden, met het werk dat uit mijn handen kwam en de mensen die mijn werk onder ogen kregen, de mensen die ik onderweg op straat tegenkwam, met wie ik in de trein terug zat, wat het gaat doen met jou nu je dit leest, etc., etc. Wat ik nog minder weet is hoe het verder ging vanuit de man die ik had geholpen, laat staan vanuit de mensen die bewust zagen gebeuren hoe ik met hem meeliep.

Ik zal het nooit weten. En zo vervalt langzaam, met vallen en opstaan, mijn onderscheid tussen groot en klein. 

We zijn geneigd om goed en waardevol buiten onze onmiddellijke omgeving te zoeken. We vegen klein opzij omdat het geen betekenis heeft voor het grotere geheel. De man met de blinde geleidestok helpt mij herinneren dat mijn bijdrage, aan een wereld waarin mensen écht leven, hier en nu is. Bij hem, bij de vrouw achter de kassa, terwijl ik les geef en terwijl ik m’n zusje aan de telefoon heb. Écht leven begint niet bij de hemelse ontdekking van onze passies. We kunnen op elk moment en in de kleinste dingen leven en geven vanuit onze gaven. Niet door aan de buitenkant ‘goed’ te zijn en goed te doen, maar door binnenin te luisteren naar wat goed en juist voelt.

 

> Verder naar 7. Terug naar het begin
< Terug naar 5. Shift happens
<> Naar het overzicht

 

Comment