Ik kan een heleboel leuke dingen vertellen over mijn boek. Want er gebeuren een heleboel leuke dingen in en rondom mijn boek. En ik vind het leuk om die heleboel dingen te delen. Maar ik merk dat ik het niet eerlijk vind om die heleboel dingen te delen. Er zijn andere dingen die niet leuk zijn en ook weer wel, en die achterhouden voelt als mooi weer spelen, als blauwe lucht schilderen terwijl ik wolken zie.

Ik heb heel lang heel goed blauwe lucht geschilderd. Soms doe ik dat nog steeds heel goed. En soms is de lucht ook gewoon blauw. Maar wolken wegschilderen is niet vol te houden zo vermoeiend. En laat dat nou net zijn wat de wolken mij op dit moment laten zien.


Ik heb namelijk een fantastische tijd beleefd met en na en door mijn vader heen. Ik kan er in geuren en kleuren over vertellen. En soms gebruik ik geuren en kleuren om andere kleuren en geuren te overschilderen. Met ‘beter’ geurende kleuren. 

Gelukkig zijn sommige mensen daar niet zo vatbaar voor. Zo grijpt Nicole mij een paar weken terug liefdevol bij m'n nekvel en vraagt ze mij om rechtop te gaan zitten. Net daarvoor lul ik mezelf vakkundig zo klem dat ik steeds verder onderuit zak in de fauteuil waarin ik al hang en niet zit. En met mij mee zakt mijn mooie verhaal onderuit.

Ik weet het namelijk heel goed en kan er in geuren en kleuren over vertellen: mijn worsteling met energie en moeheid en futloosheid komt — waarschijnlijk volledig — door een worsteling in mijn hoofd. Elke keer dat ik me laat meeslepen door negatieve, beperkende overtuigingen — overtuigingen die van alles vinden over wie ik ben behalve goed — laat ik me leegzuigen. En ik weet inmiddels heel goed dat álle gezuig begint bij de moeder der negatieve overtuigingen: ‘ik mag er niet zijn’.

Als ik ‘ik mag er niet zijn’ onbewust aan het werk laat, doe ik er onbewust van alles aan om te voelen dat 'Zie je nou wel dat...’, in dit geval gevolgd door ‘dat mijn lichaam niet (mee)werkt’ of ‘dat vitaliteit voor mij niet is weggelegd’.

Ik ben het heel helder gaan zien. En steeds subtieler. En ik ben mezelf aan het bevrijden. Ik voel me beter, sterker, zachter, helderder, lichter, natuurlijker. Mijn favoriete vlucht emotie-eten heeft steeds minder zin want emotie-eten smaakt steeds slechter.

Het leven is heerlijk.

En ik blijf worstelen.

Ik kom er uit maar val er steeds weer in. Ik voel me energieker en vrijer maar ergens blijft het hangen. Alsof het ventiel elke keer weer door iets en ik weet niet wat wordt losgetrokken en ik me wéér leeg voel lopen en ik me wéér moe en futloos voel. En soms denk ik ‘Godverdomme wanneer houdt het nou eens op want ik ben er klaar mee!’

En ik weet dat het niet gek is want de periode met mijn vader is óók intens geweest. Maar daar ligt de oorzaak niet. Dat geloven voelt niet waar en lost trouwens niks op.

Ik weet alleen niet wat wél waar voelt want ik heb een blinde vlek. En het lastige met blinde vlekken is dat ik ze niet zie.

Maar er is hulp.

Nicole vertelt dat ze veel met vergeving heeft gewerkt. Ik vind het een raak woord, vergeving. En listig, want wat het betekent eigenlijk? Volgens het boek dat Nicole mij later aanreikt, is vergeven niets meer dan het loslaten van verwachtingen over wat anderen in het verleden hadden moeten doen, en belangrijker nog, het loslaten van verwachtingen over wie wij hadden moeten zijn. Of zouden moeten zijn. En nooit zijn.

Ik voel 'em aankomen en ik zeg Ja en ik voel weerstand. Want 'ik' ben hier toch allang voorbij?! 'ik' heb dit toch allang doorgewerkt? Ga jij 'mij' nou helpen? 'mij' die een boek aan het schrijven is dat nota bene gaat over de les die we nooit op school krijgen, over leven voorbij beperkende overtuigingen en zo?!’

‘ik’ zit met m'n armen over elkaar en zeg dat ik dit een kut-oefening vindt. Goed zo Mundo, gooi die egotrip er maar uit.

Nicole neemt mij een paar keer aan de hand in het werk dat haar zo heeft geholpen. Een week later geeft Louis mij een reading en slaat hij dezelfde spijker op z’n kop. En nu weet ik dat ik hier iets te doen heb.

Want met alles wat ik heb doorgewerkt, met alle terreinen waar ik me niet meer laat inpakken en sturen door negatieve overtuigingen over wie ik ben, wie ik zou moeten zijn en waar ik aan zou moeten voldoen, met aalles waar ik tegenwoordig zo helder en positief en open in sta en zo, voel ik me een beginneling. Alsof ik voor het eerst zie en voel, écht zie en voel, hoe ik me fysiek, emotioneel, mentaal en spiritueel laat neerknuppelen door verwachtingen naar anderen over wat zij in het verleden allemaal wel (niet) gedaan hebben, en door verwachtingen naar mezelf die ik nooit waarmaak. Nooit. Tenzij ik ze wel waarmaak en ik mezelf een applaus kan geven tot ik ze weer onwaarmaak en ik mezelf weer kan neerknuppelen.

Ik ben heel subtiel nog steeds ontzettend goed in in me slecht voelen over wat anderen allemaal wel (niet) gedaan hebben en vooral over mezelf. En dit vreet heel subtiel een heleboel energie.

Eckhart Tolle schreef een keer: ‘Spreek jezelf uit als dat nodig is, maar laat éérst de negativiteit vallen’. Ik heb Eckhart hoog zitten maar ik soms heb ik ook zoiets van ‘Ja leuk Eckhart, maar hóe dan?’
—‘Verbind je met het NU’, zegt hij dan. En hij geeft tips en hij heeft helemaal gelijk. En ik heb genoeg gemediteerd en ge-inquired en ge-Qigongd en gelift (liften is een fantastisch middel tegen negativiteit) om te weten wat hij bedoelt. En ik weet heus wel hoe dat moet, negativiteit laten vallen. Ik raak alleen de draad wel eens kwijt tussen laten vallen en wegduwen. Wanneer ik ga mediteren of inquiren of Qigongen om me beter te voelen bijvoorbeeld, en niet om te voelen wat er werkelijk is. Dan plak ik alleen maar een pleister. En die pleister werkt, even, tot de wond er weer doorheen ettert.

Dus ergens weet ik het helemaal niet. Ik mis iets tussen ‘negativiteit laten vallen’ en ‘NU’. En wat is het heerlijk om mezelf weer een beginneling te laten zijn.

De oefeningen die Nicole en Louis mij geven, samen met het Boek van Vergeving dat Nicole mij aanreikt — een werkboek gebaseerd op het bekendere ‘Een Cursus in Wonderen' (of het nog bekendere ‘A Course in Miracles’), geven mij een brug. 

Ik leer elk negatief zelfbeeld en elke negatieve overtuiging tegenover me te zetten en letterlijk te zien verschijnen als een gestalte — meestal een verwrongen, jongere Mundo. Ik laat ieder beeld en elke overtuiging aan het woord, geef ze allemaal de ruimte om hun verhaal te doen. Bij elk verhaal kijk en voel ik wat het in mij oproept en mag ik het okee vinden als er geen gevoel opkomt want tranen zijn niet verplicht in het opruimen van oude shit — dank voor de herinnering ☺︎. Als ik herken waar het zelfbeeld is ontstaan en van wie ik het heb aangenomen, geef ik het vriendelijk terug, meestal aan mama en/of papa.

Om vervolgens ieder stuk liefdevol te omarmen in plaats van af te wijzen of weg te redeneren, om in de ervaring te komen dat het helemaal okee is dat dit zelfbeeld over deze overtuiging er is — en het zijn verhaal aan te laten vullen en af te laten maken als ik merk dat ik het niet okee vind, en om ieder stuk te verzekeren dat we dit samen gaan keren... manmanman dan is er oplossing!

Ik zie dat die zelfbeelden en overtuigingen helemaal geen probleem zijn, voel dat ze hun grip verliezen omdat ze er mogen zijn en ze niet meer hoeven vechten voor hun gelijk. Ik vóel hoe ik me laat verzieken door ze weg te duwen en ik vóel wat er gebeurt wanneer ik ze verwelkom. De negatieve energie laat los en maakt plaats voor ruimte, helderheid, een licht gevoel, vreugde, zin...

De eerste paar keer oefenen ga ik netjes zitten en volg ik netjes de instructies en heb ik nog het idee dat ik iets aan het doen ben. Maar spelenderwijs kom ik tot een vorm waarin ik meteen, zodra ik merk dat ik negativiteit heb binnengelaten, even stop en de deur open zet, aanschouw wat er aan de hand is, spontaan voel opkomen wat er nodig is en simpelweg tóelaat wat er nodig is. En dan bestuur ik de boel niet maar maak ik het alleen maar mogelijk.

Dit betekent overigens niet dat ik er niet meer netjes voor wil gaan zitten. Ik wíl hier bewust ruimte voor maken, ga niet alleen maar wachten tot er iets aanklopt.

Het Boek van Vergeving is gebaseerd op het beter bekende Cursus in Wonderen, wat weer een vertaling is van het nog bekendere ‘A Course in Miracles’. En dit boek zegt: ‘Vertrouw op het genezingsproces; verwacht een wonder’. Het zijn misschien grote woorden, en het voelt een beetje pril om te zeggen dat ik wonderbaarlijk genezen ben, maar ik weet inmiddels ook dat ik wonderen alleen in de weg kan zitten. En dit voel ik wél alvast: ik ben aan het genezen. Zoals Nicole mij vertelde vanuit haar eigen ervaring: ‘Je lichaam zal je dankbaar zijn.’

Ik voel dat mijn lichaam ademruimte krijgt. En dat het jubelt.


Een paar jaar terug schreef ik voor Thijs' boek Empty over het grootste inzicht van mijn reis met hem door Namibië, dat pas een een jaar na de reis kwam:
‘Wanneer ik het genoeg ruimte geef, zal alles dat niet bij mij hoort uiteindelijk naar buiten komen en mij achterlaten met een helderder gevoel van wie ik ben en wat voor mij intuïtief waar is.’

Ik mag opnieuw en anders ervaren wat ik toen schreef. En ik ga niet zeggen dat ik het antwoord nu heb. Dat heb ik eerder gedaan, of niet gezegd en wel gedacht, en dat denken is toch elke keer weer een koude kermis.

Ik ga zeggen dat ik een verdieping heb gevonden. Een nieuwe ingang naar de ruimte waar alles dat mij weghoudt van écht leven op kan lossen. Als ik het contact voel met deze ruimte heb ik geen antwoorden meer nodig omdat ik besef dat ik volledig compleet goed ben en dat ik niks tekort kom en dat alles er al is en dat niks mij in de weg staat om te leven wie ik ben.

Deze ruimte zie ik niet alleen als een plek die ons heelt, maar als een plek van waaruit wij de wereld gaan helen. Vanzelf. Want als shit van binnen de ruimte krijgt om op te lossen, gaan wij shit van buiten oplossen. Vanzelf. We kunnen niet anders meer.

En dat vind ik de shit. En laat dat nou net zijn waar mijn boek over gaat.

Maar daarover later dus meer ☺︎.

Veel liefs.

 

Comment